Kattenspel!

Van kittens weten we dat ze heerlijk kunnen spelen. Naast dat het leuk is, doen ze vaardigheden op voor als ze groot zijn: springen, klimmen, aanvallen, verdedigen… Daarnaast kunnen ze met spelen hun jachtinstinct uiten en komen ‘gelukshormonen’ vrij in de hersenen. Daarom is spelen niet alleen van belang voor kittens, maar ook voor volwassen katten, zeker als het binnenkatten betreft. Door met ze te spelen en ze uit te dagen, voorkom je verveling, prikkel je hun natuurlijke jachtinstinct en zorg je dat je kat fit, soepel en gelukkig blijft. Bijkomend voordeel is dat samen spelen ook nog eens jullie band versterkt.

Ik heb een aantal tips om het spelen extra uitdagend te maken en je kat nog meer te stimuleren.

 

Tijdstip

Wist je bijvoorbeeld dat het tijdstip van de dag van belang kan zijn? Voor sommige katten maakt het niet uit, die vliegen de hele dag de kamer door. Als je kat lastiger te porren is voor een potje jagen kan je spel het beste ’s ochtends vroeg of in de avond aanbieden. Katten zijn namelijk schemerdieren; dat zijn de momenten dat zij actief worden en op pad gaan om te jagen. Ook kan het helpen om spel aan te bieden vóór het eten. Het natuurlijke ritme van een kat is namelijk jagen, dan eten en tot slot slapen. Als de kat zijn buikje al rond heeft gegeten, is het jagen en vangen van een prooi een beetje zinloos geworden en sta je voor niks met een touwtje te slingeren.

 

 

Het soort speelgoed

Speelhengels, veertjes, balletjes, muisjes in allerlei maten, elektronisch speelgoed… er is ontzettend veel te koop. Een kat kan overigens net zo blij zijn met een propje papier (vooral als het knispert), een veter, pingpongbal of een veertje. Het gaat er vaak om hoe je het de kat aanbiedt en wat hij ermee kan.

 

Speelgoed kan hard of zacht zijn, met of zonder geur, verschillende structuren hebben, groot of klein en met of zonder geluid. De ene kat wil de gevangen prooi bijten en krabben; dan is wat groter, zacht speelgoed met een vacht fijn. De andere kat scheurt het graag in stukken; die maak je weer heel blij met een stuk van een boa. Wil je kat sprongen oefenen, aanvallen en rennen, dan is een muisje aan een speelhengel weer erg geschikt. Houdt rekening met wat je kat leuk vindt en bied ook voldoende variatie aan. Veel katten zijn ook gek op zogenaamde ‘roadkill’-speeltjes. Dat zijn speeltjes die gemaakt zijn van echte dierenvacht, waardoor de spelbeleving intenser wordt. Ook zijn er speeltjes van veren die, als je ze aan een flexibele hengel door de lucht beweegt, het geluid van een vliegende vogel maken. Ik moet dan zo lachen als een kat dan ook echt gaat zitten ‘mekkeren’!

 

Denk er wel om dat je niet alle speeltjes van je kat op de grond laat liggen. Als een ‘prooi’ voor dood ligt, is hij niet meer interessant. De kat zal zijn interesse in het speeltje dan gaan verliezen. Er zijn natuurlijk uitzonderingen: Doddeltje, de kat van een cliënt, sleept een paar keer per dag haar prooi (een knaloranje furry slang) luid mauwend het hele huis door om het naar haar baasje te brengen.

 

Manier van spelen

Ook met de manier van spelen kun je een kat extra stimuleren. Verplaats je bijvoorbeeld in het gedrag van de prooi. Er is geen muis die vrijwillig vlak voor een kat gaat liggen. Deze zal zich juist van de kat af bewegen, wat rondscharrelen, in verschillend tempo lopen, zich verstoppen en af en toe even stilstaan. Als je met een speelhengel speelt kan je dit prooigedrag allemaal uitvoeren. En mocht je kat desondanks toch even afgeleid zijn: zodra je het muisje langzaam een hoekje om sleept en hij ineens uit het zicht van de kat is verdwenen, is hij er als de kippen weer bij. Mickey, een wat oudere en minder speelse kat, kan eindeloos kijken en meppen naar een stokje dat onder het kleed vandaan komt, met verschillende snelheden over de grond naar links en rechts beweegt en dan plotseling weer onder het kleed verdwijnt. Een los balletje of muisje gooi je van de kat af of langs de kat.

Zorg er wel voor dat de kat de prooi ook echt kan vangen; dat is namelijk het doel van jagen. Natuurlijk lukt het in de natuur ook niet altijd om de prooi te vangen, maar als hij altijd verliest is het spel niet leuk meer, kan het frustratie opleveren en heeft de kat er geen zin meer in. Dat is ook wat er vaak met een laserlampje gebeurt: het spel en jagen is leuk, maar omdat de kat de prooi niet daadwerkelijk kan vangen krijgt hij geen beloning en daarmee ook geen voldoening uit het spel. Mocht je een laserlampje gebruiken, dan kun je aan het einde van het spel (voordat de kat zijn interesse is verloren) een speeltje aanbieden dat hij echt kan pakken, bijvoorbeeld: een trappelkussentje met kattenkruid of een voerbeloning.

 

Verder is van belang dat een kat alles binnen een afstand van ongeveer 30 centimeter minder scherp kan zien. Alhoewel de kat kleine bewegingen dichtbij heel goed kan opmerken, kan het extra leuk zijn om er rekening mee te houden dat katten binnen deze afstand meer gebruik maken van hun snorharen, neus en poten. Omdat katten kleuren minder goed kunnen onderscheiden, kun je het spel aantrekkelijker maken door te zorgen voor contrast. Een donkere muis op een zwarte vloer merkt je kat minder snel op dan een witte muis. Daarentegen kan het wel weer een extra uitdaging zijn om bij een gebrek aan kleurcontrast met geuren te gaan werken. Leg een muisje bijvoorbeeld een paar dagen in een (afgesloten, want het stinkt!) bakje met gedroogde rode valeriaan of kattenkruid (poeder werkt beter dan gedroogd).

 

En wat als je kat, ondanks het opvolgen van alle tips, niet wil spelen?  Dan kan het zijn dat er  weinig met de kat is gespeeld en de kat zich afvraagt wat je ineens van hem wil. Wanneer je het spelen met regelmaat kort gaat aanbieden, zal je kat het spelen naar alle waarschijnlijkheid weer gaan oppakken. Vergeet niet dat een spelsessie niet lang hoeft te duren; 10 minuten is ruim voldoende. Je kunt het beter wat vaker per dag aanbieden. Een kat zal duidelijk aangeven als hij er genoeg van heeft. Veel katten gaan dan op de grond liggen. Meestal laat ik ter afronding van het spel de prooi nog eventjes voor ‘dood’ liggen voordat ik het opberg.
Er kan ook een medische oorzaak zijn. Het kan een signaal zijn dat een kat ziek is of bijvoorbeeld (beginnende) artrose heeft. Bespreek het dus met je dierenarts als het je opvalt dat je kat niet (meer) speelt.

 

Een andere manier om het jachtinstinct van de kat te versterken en verveling tegen te gaan is door te werken met zogenaamde voerpuzzels. In een voerpuzzel kan je brokjes doen en sommige puzzels zijn ook geschikt voor natvoer. De kat moet nadenken hoe hij het voer uit de puzzel te pakken kan krijgen. Deze zijn ook erg geschikt als je kat vaak zijn eten opschrokt. Er zijn verschillende niveaus; begin met een puzzel waarbij de kat het voer direct ziet en ruikt en met één handeling al een beloning heeft. Als de kat dit door heeft, kan je een moeilijkere puzzel aan gaan bieden, bijvoorbeeld een waarbij de brokjes niet zichtbaar zijn maar wel te ruiken zijn of een waarbij de kat meerdere handelingen moet verrichten totdat hij een brokje krijgt.

 

Ik wens jullie veel creativiteit en plezier toe en ik ben benieuwd naar jullie ervaringen!

 

Linda Schuurman:

Gediplomeerd kattengedragstherapeut
Eigenaar van “Kattengeluk” – praktijk voor kattengedrag
info@kattengeluk.com

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.